Categorie: Geen categorie

Er zitten tralies voor de ramen van de kerk in Smyrna

Polycarpus: Hoe zou ik Christus vloeken?

“Zesentachtig jaar heb ik Christus gediend en Hij heeft mij niets dan goeds gedaan, hoe zou ik Hem dan nu vervloeken?” Polycarpus, opziener in de gemeente te Smyrna, beklom -het kan in 155 zijn geweest, of een paar jaar daarna- niet als een zielig mannetje de brandstapel. Oud was hij, maar vol van een heilig geloofsvuur. Anno 2006 brandt in het Turkse Izmir vooral de onbarmhartige vlam van de islam.

Overblijfselen uit de tijd van Polycarpus ontbreken in de havenplaats. Als ik op straat informeer naar de antieke stad, sturen mensen mij naar opgravingen van de oude, deels overdekte marktplaats, kort bij de straat Anafartalar Caddesi. Die was zoals heel veel in Smyrna door de niets ontziende aardbeving in het jaar 178 verwoest. Marcus Aurelius -hij was keizer van 161 tot 180- liet een nieuwe agora (marktplaats) bouwen.

Polycarpus zal zich op deze plek af en toe hebben opgehouden. De agora vormde immers het concentratiepunt van het stadsleven. Nu is het grote terrein onbebouwd. Aan een van de zijden staat een bouwvallige schuur. Direct erachter een modern betonnen bankgebouw, vergezeld van een parkeergarage met tal van verdiepingen. Daarachter verrijst in volle glorie het Hilton Hotel.

Aan de andere kant van de agora ligt tegen de helling van de heuvel een dicht opeengepakte huizenmassa. Met woningen voor het gewone volk. Turks modaal.

Geen vaag idee

Smyrna is meer dan alleen een oude agora. Er zijn nog een paar kerken. De oudste ervan is rooms-katholiek. En die draagt nog steeds de naam van de martelaar. Onderweg naar de juiste straat probeert de taxichauffeur me te doen geloven dat er geen verschil bestaat tussen God en Allah. De vergrijsde ambtsdrager zou hem terechtgewezen hebben. De opziener wist immers in Wie hij geloofde. Niet in de een of andere vage idee. Waarbij het niet uitmaakt of zoiets Allah heet of God. Maar in de Drie-enige, Die Zich geopenbaard heeft in Zijn Zoon, de unieke Zaligmaker.

Juist daardoor kon Polycarpus het martelaarschap -hoewel hij het niet zocht- op een ontroerende wijze aanvaarden. Aanvankelijk vluchtte hij naar een landgoed. Een kind -anderen schrijven: een slaaf- verried zijn verblijfplaats. Toen wisten zijn tegenstanders hem te vinden. Polycarpus wilde (op dat ogenblik reeds ter ruste) niet meer naar een ander landgoed vluchten. Hij zei: Gods wil geschiede.

Polycarpus’ hoge ouderdom en kalme waardigheid maakten indruk op de soldaten. Waarom moesten zij zo’n bedaarde, oude man gevangennemen? De bisschop liet hen eten en drinken. Twee uur lang bleef hij, staande, luidop bidden. De soldaten die hem hoorden waren diep getroffen en verschillenden kregen spijt dat ze tegen deze grijsaard waren uitgetrokken. Hij mocht op een ezel rijden.

Voor ik de Polycarpuskerk binnen kan gaan, moet ik eerst een bel opsporen. De kerk is niet, zoals veel rooms-katholieke kerken, de hele dag open. Naar binnen ga ik via een deur die ogenschijnlijk toegang biedt tot een huis. Is dit een afleidingsmanoeuvre?

Er zit traliewerk voor de ramen van de kerk. Om islamitisch agressie te voorkomen? De gebouwen staan op een ommuurd terrein. Met hier en daar wat graffiti op het pleisterwerk.

In het gebouw bevindt zich een grote muurschildering die de dood van Polycarpus afbeeldt. Het vuur verteert hem niet en iemand zal hem met een zwaard of messen gaan doorsteken. De martelaar is natuurlijk afgebeeld met een lichtkrans, een nimbus om z’n hoofd.

Aan het eind van de negentiende eeuw maakte een Franse schilder, Raymond Peré, die zich in Izmir had gevestigd, schilderingen van scènes uit het leven van Polycarpus.

Morgen, zondag, is er in elk geval geen dienst. De gemeente -bestaat die wel?- is niet orthodox, zoals een Nederlandse predikant beschreef, maar rooms-katholiek. De kosteres, er lijkt niemand anders in het complex aanwezig, spreekt uitsluitend Turks. Maar ze steekt zeer vriendelijk alle lichten aan. Om de fotograaf te dienen. Natuurlijk staat het beeld van Polycarpus boven het altaar.

Smyrna telt nog enkele andere kerken. En ook synagogen. Het is aangrijpend dat in een zo grote stad -na Istanbul en Ankara de grootste van Turkije- een gereformeerde kerk nauwelijks valt te vinden.

In elk geval staat er nog een oude Nederlandse Protestantse Kerk aan straat nummer 1374. Na wat wandelend zoeken, valt die te vinden. Maar alles zit en blijft potdicht.

Johannes

De apostel Johannes heeft de eerste christelijke gemeente in Smyrna gesticht. Waarschijnlijk tussen het jaar 37 en 48 na Christus, spoedig na het geweld tegen de christelijke gemeente in Jeruzalem. Ignatius van Antiochië heeft geschreven dat Polycarpus een directe leerling van Johannes was. Volgens Tertullianus wees de apostel hem toen hij nog heel jong was aan als opziener, als de vierde bisschop van de jonge kerk. Een andere traditie zegt dat enkele apostelen Polycarpus verkozen.

Polycarpus zag zich niet slechts geconfronteerd met christenvervolging, zoals onder keizer Trajanus (98-117). De bisschop had ook te maken met ketterijen. Met die van Marcion onder andere. Die leerde dat er een wrede god is, de demiurg. Terwijl de God van het Evangelie liefde is. Hij bedroog veel gelovigen. Maar toen Marcion een keer aan Polycarpus vroeg of hij Hem wilde kennen, antwoordde deze volgens de in 339 overleden Eusebius: “Ik ken de eerstgeborene van satan.”

De opziener verzette zich ook tegen de dreiging van de gnostiek. De aanhangers van die manier van denken streefden naar het heil door geheime, alleen voor ingewijden gereserveerde kennis, gnosis. Het ontvangen van die gnosis is iemands geestelijke opstanding uit de doden. Maar volgens J. H. Landwehr kenschetste Polycarpus de gnosis als “satanische vervalsing der waarheid.”

De voorganger schreef in de tijd van zijn bediening een brief aan de christenen te Filippi. De gemeente daar begeerde een afschrift van een brief van Ignatius. Het schrijven van Polycarpus diende als begeleidende brief bij het epistel van Ignatius. Er is ook een ander verhaal. Polycarpus zou aan de Filipensen hebben geschreven omdat een van hun ouderlingen was vervallen tot de zonde van hebzucht. En de opziener vermaant in zijn brief dan tot vergevensgezindheid.

Wellicht zijn de twee brieven al snel samengevoegd. Polycarpus dringt in elk geval aan op een christelijke levenswandel, op hulp aan de armen en op de navolging van Christus.

Arrestatie

Polycarpus heeft de brief die Johannes vanaf Patmos schreef aan de gemeente te Smyrna waarschijnlijk nog in handen gehad. Zij heeft hem jaren nadat zij is geschreven waarschijnlijk getroost tijdens zijn martelaarschap: “Gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Zijt getrouw tot de dood, en Ik zal u geven de kroon des levens.”

Maar over de eigenlijke levensloop van Polycarpus is niet veel bekend. Wel over zijn marteldood. Het geschrift “Martyrium Polycarpi” bevat een uitvoerig verslag dat is opgetekend door een ooggetuige. Het is een van de oudste zogenoemde martelaarsakten.

Toen de arrestatie een feit was, namen twee hoogwaardigheidsbekleders Polycarpus tussen zich in in een rijtuig. Zij probeerden hem ertoe te brengen om te zeggen: “Caesar is de Heer” en om de keizer een offer te brengen. Hij bleef dat weigeren. Toen gooiden de ambtenaren hem uit het rijtuig.

Vonnis

Het vonnissen van christenen had te Smyrna plaats in de renbaan. Op het ogenblik dat Polycarpus het circuit binnentrad, klonk er -dat zegt de martelaarsakte- een stem uit de hemel: “Houd moed, Polycarpus en wees sterk.” Niemand zag Degene Die sprak. Maar alle aanwezige christenen zouden de stem hebben gehoord.

De proconsul -zeg maar: de door Rome aangestelde gouverneur- begon opnieuw Polycarpus aan te sporen om bij het heil van de keizer te zweren. Hij moest ook zeggen: “Weg met de goddelozen.” Dat laatste deed hij. Maar niet dan nadat hij eerst nadrukkelijk naar de menigte heidenen op de trappen van de renbaan had gekeken. De proconsul dreigde met de verbrandingsdood. En na veel vijven en zessen liet hij door een heraut omroepen dat Polycarpus had bekend christen te zijn.

Toen kwam het gepeupel, inclusief een aantal Joden, op de been. Het wist niet hoe snel het hout en takken moest aandragen uit winkels en badhuizen. Toen een soldaat de oude man wilde vastspijkeren op de brandstapel zei hij: “Laat mij zoals ik ben, want Hij, die me gegeven heeft de vuurdood te trotseren, zal me ook de kracht geven om zonder uw spijkers en al uw voorzorgen onbeweeglijk op de brandstapel te blijven.” Zo bonden ze hem alleen vast.

Polycarpus deed nog een gebed. De vlammen namen de vorm aan van een zeil dat bol staat in de wind. De martelaar stond daar, rondom ingesloten, midden in. Dus hij verbrandde niet. Uiteindelijk hebben ze hem gedood met het zwaard.

Verheerlijken

De beenderen van Polycarpus zouden door christenen zijn verzameld en als relikwie zorgvuldig zijn bewaard. En al vroeg begon ten aanzien van de opziener uit Smyrna de heiligenverering. De schrijver van het “Martyrium Polycarpi” vermeldde dat de christenen in Smyrna ieder jaar bijeenkwamen op de plaats waar Polycarpus’ botten waren begraven “om zijn martelaarschap met grote vreugde te herdenken.”

Bij protestanten staat hij goed bekend. In elk geval: als een getrouw getuige. Zesentachtig jaar had hij Christus op aarde gediend. Heidenen eisten dat hij Hem zou vervloeken. Met hem te doden in de renbaan bereikten zij precies het tegenovergestelde. Polycarpus ging zijn Meester eeuwig verheerlijken.

Dit is het tweede deel van een zesdelige serie over het leven en sterven van christenen uit de Vroege Kerk. Volgende week donderdag deel 3: Justinus Martyr.

“Heere, almachtige God, Vader van Jezus Christus, Uw beminde Zoon, die ons U heeft leren kennen; God der engelen en der heerscharen, God van heel de schepping en van het geslacht der rechtvaardigen, die voor Uw aanschijn leven.

Ik loof U, omdat Gij mij waardig hebt geacht, op deze dag en op dit uur met de martelaren deel te hebben aan de drinkbeker van Christus, om ten eeuwigen leven naar ziel en lichaam te verrijzen, in de onvergankelijkheid van de Heilige Geest.

Gelief mij vandaag met hen op te nemen in Uwe tegenwoordigheid, na dit mild en welgevallig offer, dat Gij Zelf hebt voorbereid, dat Gij mij voorspeld hebt, en dat Gij, onfeilbare en waarachtige God, nu in vervulling brengt.

Daarom loof ik U, zegen ik U, dank ik U door Jezus Christus, de eeuwige hogepriester in de hemel, Uw welbeminde Zoon, door wie aan U, in vereniging met Hem en de Heiligen Geest, glorie zij, nu en in de komende eeuwen. Amen.”

Zegenwens 2022

Gezegend 2022

Geliefde gemeente,

Het jaar is alweer bijna voorbij.
Ook dit jaar is weer omgevlogen, of beter gezegd wij zijn door de tijd gevlogen.
Het jaar wordt een herinnering.
Herinnering die bij de één een lach van vreugde veroorzaakt en bij de ander tranen in de ogen brengt.
Laten we elkaar tot troost en ondersteuning zijn, elkaar dienen in liefde.
En ons verheugen met hen die blij zijn.
Kerstfeest ligt nog maar net achter ons, het feest van Het Licht voor de heidenen.
De wereld om ons heen viert ook feest, een feest van romantiek en sfeervolle lichtjes.
Hartstikke gezellig, niks mis mee.
Wat echter wel opvalt: naarmate januari vordert worden de lampjes weer uitgezet en opgeruimd.
Dan wordt het weer donker.
Wat een enorm verschil als Jezus, door genade, ons Licht mag zijn !
Een Licht zo groot zo schoon, gedaald van ‘s hemels troon en dat nooit meer gedoofd zal worden !
Daar kan geen macht in deze wereld ook maar iets aan veranderen !
Een onbeschrijfelijk voorrecht als dit Licht ons hart en leven mag verlichten.
Laten we als Christen Gemeente Bruchem knielen en aanbidden.
En getuigen van dit Licht voor een volk dat in duisternis wandelt, dat is ook wat Jezus van ons vraagt: doorgeven wat we van Hem ontvangen hebben.
Wij bidden jullie allen een fijne jaarwisseling toe en Gods ondersteunende genade voor het nieuwe jaar.
Laat voor ieder van ons gelden: Wat de toekomst brengen moge, ons geleid des Heeren hand…….

In Christus verbonden.

Henk en Kees.

Het Evangelie in de Sharon regio

  • Het Evangelie in de Sharon-regio
    De vlakte van Sharon beslaat het meest dichtbevolkte deel van Israel, van het Karmelgebergte in het noorden tot Tel Aviv in het zuiden. Het omvat steden als Netanya, Herzliyah en Hadera.
    De gemeente Beit Asaph in Netanya zet zich in om het Evangelie te verspreiden in dit gebied. Deze gemeente nam vorig jaar, tijdens de coronapandemie, de beslissing om de gemeente op te delen in kleine groepen gelovigen.
Processed with VSCO with a6 preset

Eén van de groepen van de gemeente Beit Asaph.
Georgiy en zijn vrouw zijn met hun zes kinderen al jaren actieve leden van deze gemeente. De samenkomsten met de gemeente op de sabbat waren voor hen de hoogtepunten van de week. Aanvankelijk waren ze niet enthousiast om in kleine groepen verder te gaan. Maar de Heere veranderde zijn hart en opende zijn ogen voor de mogelijkheden van de nieuwe situatie.
De voorgangers Evan Thomas en Lev Guler van de gemeente Beit Asaph hebben nu veel meer tijd om anderen te ‘discipelen’. Ze begonnen nieuwe leiders op te leiden, die de huisgroepen konden leiden en vervolgens weer anderen kunnen opleiden om nieuwe groepen te starten.
Georgiy is nu enthousiast over de nieuwe opzet van de gemeente. Van actief gemeentelid is hij één van de nieuwe leiders geworden. Hij leidt nu zelf nieuwe leiders op.
Elke groep die deel uitmaakt van Beit Asaph heeft ongeveer tien tot twaalf leden. De groepsleden worden aangespoord om in hun eigen omgeving getuige te zijn en zo mogelijk weer nieuwe groepen te vormen. Ze krijgen via sociale media middelen van de gemeente ter beschikking, zoals video’s met getuigenissen en preken.
Georgiy ziet dat de Heere Zijn zegen schenkt over deze nieuwe vorm van gemeente-zijn. In de kleine groepen ziet hij, wellicht door de kleinschaligheid en beslotenheid, meer geestelijke groei en openheid. De moedergemeente is als het ware opgedeeld in een aantal kleine cellen/gemeenten, die op hun beurt weer uitreiken naar mensen in hun omgeving. Af en toe komen de kleine groepen wel weer samen voor een gezamenlijke dienst en tijd van aanbidding.
Het gebied van de Sharon wordt slecht één keer genoemd in het Nieuwe Testament, in Handelingen 9. Ondanks tegenstand zegende de Heere de verspreiding van het Evangelie. De apostel Petrus trok het hele land door, waarbij Sarona (Sharon) speciaal wordt genoemd, predikte het Evangelie en genas de zieken. Vers 35 zegt: ‘Allen die in Lydda en Sarona woonden, zagen hem en bekeerden zich tot de Heere.’
Dit verlangen leeft ook in de gemeente Beit Asaph, dat velen in het Sharon-gebied zich zullen bekeren tot de Heere. (Bron: Firm)

Vluchtelingen gebedsweek


Informatie over de vluchtelingen gebedsweek waar we graag als christengemeente Bruchem aan mee doen.

Iedereen mist ontmoetingen. Voor vluchtelingen geldt dat nog sterker. Zij hebben geen netwerk om op terug te vallen. Jij kan een verschil voor hen maken. En voor jezelf. Wil je van 20 t/m 26 juni één week lang dagelijks voor vluchtelingen bidden?

Gebedsboekje Vluchtelingengebedsweek

Van 20 tot en met 26 juni 2021 is de Vluchtelingengebedsweek, rond het thema ‘Ontmoet’. Vluchtelingen in Nederland hunkeren naar ontmoetingen. Ze spreken onze taal niet. Azc’s liggen vaak op afgelegen plekken. Daar bovenop kwamen de beperkingen van corona.

In de gebedsweek leef je een week lang met vluchtelingen mee door te bidden voor hun persoonlijke gebedspunten. Een week lang elke dag een ontmoeting met God en een medemens: Daar word je vrolijk van.

Gezinsmoment

Dit jaar is er dagelijks digitaal materiaal voor een gezinsmoment: een filmpje, verhaal of quiz om kinderen te betrekken bij het omzien naar vluchtelingen. Ze leren wat vluchtelingen meemaken tijdens hun vlucht en hoe zij leven in Nederland. Via een link in het gebedsboekje of de gebedsmail kun je elke dag het materiaal bekijken.

Live-uitzending

Dinsdagavond 22 juni kun je vanaf 20.00 uur meekijken met een live-uitzending. Met onder andere: een ontmoeting en gesprek tussen Rasha en Margreet. Ze zijn beide moeder, delen hun geloof in Jezus. Maar omdat Rasha geboren is in Irak en moest vluchten, zijn er ook grote verschillen. Esther en Jaap zorgen voor de mooie muzikale momenten. En uiteraard zal ook in de uitzending in gebed de situatie van vluchtelingen bij God gebracht worden. Het programma duurt ongeveer een uur.

Voor materiaal en aanmelden ga naar de site:
https://www.gave.nl/steun-gave/bid-mee/vluchtelingengebedsweek

Nacht van gebed Open Doors

Beste kerkenraden en gemeenten,

Onlangs bemerkten we bij een online Zendings Event dat de kerken in Afrika, India, Pakistan en vele andere plaatsen in de wereld steeds vaker te maken hebben met verdrukking en vervolging.

Als christenen in het vrije westen raakt het ons hoe onze broeders en zusters, soms keer op keer, vele verliezen moeten lijden, en moeite ervaren om staande te blijven.

‘Blijf voor ons bidden!’ Dat is keer op keer wat de vervolgde kerk van ons vraagt. Door mee te doen aan de Nacht van Gebed bid je, samen met andere christenen, een nacht lang voor de vervolgde kerk. Met opzet ’s nachts, als teken van verbondenheid, omdat veel vervolgde christenen alleen in het donker of in het geheim kunnen samenkomen. Zo staan we naast hen in hun dagelijkse strijd.

Dit jaar vindt de Nacht van Gebed plaats in de nacht van vrijdag 4 op zaterdag 5 juni van 20.00 tot 06.00 uur.

Het lijkt ons goed om als kerken en gemeenten uit de west Bommelerwaard in het gebed verenigd te zijn.
De hervormde Kerk in Kerkwijk heeft de Kerk voor deze nacht beschikbaar gesteld.

In de bijlage vindt u het gebedsboekje. Gedurende de nacht zullen we ons verdiepen in de verhalen uit het boekje en voor hun noden bidden.

Graag nodigen wij u uit met ons mee te bidden.

WIlt u laten weten of u komt en op welke tijden, zodat we een planning kunnen maken en aan de voorwaarden kunnen voldoen ivm de corona maatregelen.
Het is de bedoeling elk heel uur te starten met een filmpje van Open Doors waarna bijbellezing en gebed.

Van harte Gods zegen gewenst over uw werk in de gemeenten waaraan u verbonden bent.

Met onze hartelijk groet,

Anja van Diggelen
en Connie van den Dool

Flyeren

Flyeren.
De kleine jongen trok een extra dikke jas aan tegen de kou en zei toen tegen zijn vader:
“Oké pap, ik ben er helemaal klaar voor.”
Zijn vader, een predikant, vroeg hem: “Klaar voor wat, zoon?”
“Maar papa, het is tijd om naar buiten te gaan om onze flyers uit te delen.’
De vader antwoordde: “Jongen, het is erg koud buiten en het miezert.”
De jongen keek zijn vader verbaasd aan en zei: “Maar papa, mensen moeten toch ook op een regenachtige dag iets over God horen.”
De vader antwoordde: “Ik wil niet dat je met dit weer naar buiten gaat.”
De jongen keek zijn vader smekend aan: “Papa, mag ik deze keer dan alleen gaan? Alsjeblieft! Ik zal echt goed oppassen!”
Zijn vader wachtte even en zei toen: “Oké , je mag gaan van mij. Hier zijn de flyers , maar wees wel voorzichtig.’
“Ik zal voorzichtig zijn, bedankt pa!”
En met de flyers in zijn hand, ging de zoon de kou en de regen in. Hij liep door alle straten van het dorp en deelde de flyers uit aan de mensen die hij zag.
Na 2 uur door de regen en kou gewandeld te hebben en met zijn laatste flyer in de hand, stopte hij bij een hoek om te kijken of hij nog iemand zag om de flyer aan te geven, maar de straten waren leeg. Toen draaide hij zich om naar het eerste het beste huis dat hij zag, liep naar de voordeur, belde aan en wachtte, maar er kwam niemand aan de deur.
Uiteindelijk draaide hij zich om, om weg te lopen … maar iets hield hem tegen. De jongen keerde terug naar de deur en begon aan te bellen en met zijn vuisten hard op de voordeur te slaan. Hij bleef wachten. Uiteindelijk werd de deur voorzichtig geopend.
Een mevrouw opende de deur, ze had een droevige blik in haar ogen en vroeg vriendelijk:
“Wat kan ik voor je doen, jongeman?
Met stralende ogen en een brede glimlach antwoordde hij:
Dag mevrouw, het spijt me als ik u heb laten schrikken, maar ik wil u alleen maar vertellen dat God echt heel veel van u houdt en dat ik u mijn laatste flyer kwam geven, een flyer die spreekt over God en zijn grote liefde.
De jongen gaf haar de flyer en zij bedankte hem vriendelijk: “Bedankt jongen en God zegene je!”
De daarop volgende zondagmorgen stond de voorganger op de kansel en toen de dienst begonnen was, vroeg hij: “Heeft er iemand een getuigenis of iets dat hij of zij zou willen delen?”
Heel voorzichtig stond er achterin de kerk een oudere dame op.
Toen ze voor in de kerk stond, begonnen haar ogen te blinken en met een stralende en glorieuze blik, begon ze haar verhaal.
Niemand in deze kerk kent mij, want Ik ben hier nog nooit geweest. Ik kan het u nog sterker vertellen, afgelopen zondag was ik nog niet eens een christen.
Enig tijd geleden is mijn man overleden en bleef ik helemaal alleen in deze wereld achter.
Afgelopen zondag was het een bijzonder koude en regenachtige dag, en ook in mijn hoofd hingen donkere wolken. Ik kreeg de gedachte in mijn hart dat ik op deze dag aan het einde van mijn levensweg zou komen. Ik had absoluut geen hoop meer en kwam uiteindelijk tot de conclusie dat ik niet meer wilde leven.
Ik pakte een touw en een stoel en slofte de trap op naar de zolder van mijn huis. Aan het uiteinde van het touw maakte ik een strop en het andere uiteinde van het touw maakte ik vast aan de spanten van het dak. Ik klom op de stoel en deed voorzichtig het touw om mijn nek.
Toen ik zo bovenop de stoel stond, zo intens alleen en zo diepbedroefd en ik op het punt stond om de stoel onder mij weg te schoppen, hoorde ik plotseling het geluid van de deurbel.
Ik schrok ervan, maar dacht eerst: “Ik wacht wel even en wie het ook is, hij of zij zal wel weer weggaan.”
Ik wachtte en wachtte, maar het bellen stopte niet en er werd zelfs op de deur gebonsd. Het werd zo luid en het hield zo lang aan, dat ik het niet meer kon negeren.
Ik vroeg me af wie zou het kunnen zijn? Er kwam bij mij nooit iemand aan de deur om mij te bezoeken!
Ik kon niet anders dan het touw van mijn nek te halen. Ik liep naar beneden en terwijl de bel nog rinkelde en het bonzen op de deur nog aanhield, opende ik de deur. Ik kon mijn ogen niet geloven, voor mijn deur stond de meest stralende jongen die ik ooit gezien had, een engeltje rechtstreeks uit de hemel.
Die glimlach van die jongen, ik kan het gewoon niet beschrijven! En de heerlijke woorden die uit zijn mond kwamen, deden mijn hart, dat al zolang geleden ijskoud geworden was, weer tot leven komen. Want met de galmende stem van een engel zei hij: “Mevrouw, ik wil u alleen maar vertellen dat God enorm veel van u houdt!”
Nadat de kleine engel in de kou en de regen verdwenen was, sloot ik mijn deur en las ik elk woord van de flyer.
Hierna ging ik naar de zolder om de stoel en het touw op te ruimen, want die had ik niet meer nodig.
Zoals u nu allemaal kunt zien staat er een gelukkige vrouw voor jullie, een gelukkige dochter van de grote Koning.
Omdat ik de jongen in de richting van de kerk had zien vertrekken, dacht ik wel dat ik hier moest zijn om de kleine engel van God persoonlijk te kunnen bedanken. Hij kwam precies op tijd en heeft zo in feite mijn leven gered. Ik ben nu aangenomen als een dochter van God en mag tot in de eeuwigheid in Gods aanwezigheid leven,
In de kerk werd het stil, al kon je wel heel veel gesnotter horen.
De voorganger liep naar de eerste bank voorin de kerk, waar de kleine engel zat. Hij nam zijn zoon in zijn armen en huilde onbedaarlijk.
Mag ik jullie vragen om dit verhaal niet in de kou en de regen te laten sterven, maar geef het, na het gelezen te hebben, door aan anderen.
Bedenk dat de geweldige boodschap van God elke keer weer een groot verschil kan maken in iemands leven. Wees daarom nooit bang om het te verspreiden!

Overdenking in de sneeuw

Overdenking in de sneeuw. (Elly)

,,Het sneeuwt op Uw geschonden aarde” dichtte Ida Gerhardt.
Witter dan sneeuw maakt U onze gebroken harten.
Wij, die leven te midden van Uw schepping die zucht en in barensnood is,
waar de weeën heviger worden. U zegt tot ons: heft uw hoofden omhoog,
want uw verlossing is nabij.
Heere Jezus, Zon van de gerechtigheid, wij verlangen naar Uw komst,
naar het volle middaglicht in de glans van Uw heerlijkheid.
Als het volmaakte zal gekomen zijn, zal wat ten dele is te niet gedaan worden.
Hoe glinsterend wit is de sneeuw als de zon erop schijnt. Nog stralender maakt U ons, beschenen door Uw licht en verwarmt door Uwe liefde.

‘Heer, ik wil uw liefde loven, al begrijpt mijn ziel U niet.
Zalig hij, die durft geloven, ook wanneer het oog niet ziet.
Schijnen mij uw wegen duister, zie, ik vraag U niet: waarom?
Eenmaal zie ik al uw luister als ik in de hemel kom.’

‘Heer, uw licht en uw liefde schijnen,
waar U bent zal de nacht verdwijnen.
Jezus, licht van de wereld, vernieuw ons.
Levend Woord, ja uw waarheid bevrijdt ons.
Schijn in mij, schijn door mij.

Kom, Jezus kom, vul dit land met uw heerlijkheid.
Kom Heil’ge Geest stort op ons uw vuur.
Zend uw rivier, laat uw heil heel de aard’ vervullen.
Spreek, Heer uw woord dat het licht overwint.’

Januari

Christine Stam-van Gent

„Het is moeilijk de boekwinkel te verlaten op een dag in januari”, las ik ergens, „als de wind blaast, het ijs verraderlijk is en binnen de boeken dicht bij elkaar gekropen een kleurrijke warmte verspreiden.” Wat een kille januarimaand is dit dan wel niet. We mogen de boekhandel niet eens bínnengaan. Behalve voor de pakketdienst: een oranje eilandje omringd door duistere boekenkasten die je aanstaren met een holle blik.
Zeker in januari moet je oppassen dat je je zoiets niet persoonlijk aantrekt. En dat de grijsheid van buiten niet naar binnen overslaat, zodat je innerlijk landschap elke kleur verliest. Zo’n landschap als in ”De weg” van Cormac McCarthey, dat ijzingwekkend mooie boek waarin een vader met zijn zoontje door een verbrande wereld trekt, in snijdende kou. Alles is bedekt met grijze as, versmolten en versteend.
Toch geeft zelfs dit boek warmte af. Dat heeft te maken met de relatie tussen vader en zoon. Het enige dat telt is dat ze elkaar niet verliezen. Ze zijn alles voor elkaar. Hier zou ik een Rutte-achtig punt kunnen maken: samen komen we er doorheen! Maar zo goed zijn wij niet in elkaar vasthouden. Het vuur in ons is snel gedoofd, zeker als de ander niet altijd reageert met liefde en dankbaarheid. Zeker als hij of zij zelf zo’n grijs, rotsachtig landschap is, waarop al je goede woorden lijken af te ketsen.
Ik denk aan William Cowper. Deze begaafde dichter vreesde de januarimaand, nadat hij op 1 januari 1773 in een diepe depressie belandde. Cowpers meest bekende lied is ”God gaat zijn ongekende gang, vol donkere majesteit.” Het gaat over wolken die we vrezen, maar die vol van zegen blijken te zijn. Vaak wordt gedacht dat Cowper deze mooie, troostrijke tekst schreef vlak na zijn diepe inzinking (en mislukte zelfmoordpoging). De realiteit is dat Cowper hier 27 jaar lang, tot aan zijn dood, niet meer bovenop kwam en dacht dat hij voorgoed van God verlaten was.
Toch was God er, in de gedaante van John Newton. Newton van ”Amazing grace”, die 27 jaar lang Cowpers hand bleef vasthouden. Het bijzondere is dat hij dit niet enkel deed als pastor, maar als vriend. Hij bleef waarde zien in William, hield van zijn talenten en moedigde die aan. Newtons geheim? „God heeft het aantal dagen bepaald waarop ik op hem wachten moet in deze duistere vallei, en Hij geeft mij de liefde zodat ik niet moe word.”
Wat een ”amazing love” voor een psychisch wrak als Cowper. Diens eigen liederen moeten hem vaak in het gezicht gevlogen zijn. Maar wat een warmte verspreiden ze, nu, op een grijze dag in januari. Godzelf vertaalt de duisternis in eind’lijk eeuwig licht.

Bron: rd.nl Cultuur: vrijdag 22 januari 2021

Mis het niet!

Uitnodiging kerstavonddienst. 
Graag willen we je via deze weg uitnodigen om de online kerstavonddienst vanuit Bruchem, Den Bosch en Venray bij te wonen! De dienst zal plaatsvinden op donderdagavond 24 december van 19.30 – 20.30 uur.
Waar vindt de kerstavonddienst plaats? Hier is het adres:

https://uu-se.zoom.us/j/62077443652

Je kunt gewoon thuisblijven, en dan via de computer de bovenstaande link aanklikken. 
De boodschap van Kerst is voor iedereen, dus wees welkom, en voel je vrij om ook anderen uit te nodigen!